Spoedgevallen campus Sint-Jan
050 45 20 00
Spoedgevallen campus Henri Serruys
059 55 51 01
Home >  Over AZ Sint-Jan >  Nieuws >  Patiënten zijn in goede handen op de dienst spoedgevallen

Patiënten zijn in goede handen op de dienst spoedgevallen

Op campus Henri Serruys van het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV loopt de dienst spoedgevallen als gesmeerd. Diensthoofd dr. Axelle De Cock tekent de lijnen uit, maar zou nergens staan zonder een sterk team dat erin slaagt op alle niveaus respectvol samen te werken. Hun grootste zorg: de patiënt.

Dynamische dienst

Hoofdverpleegkundige Frank Vereecken was er tijdens zijn vijftienjarige carrière op campus Henri Serruys getuige van hoe de spoeddienst door de jaren heen evolueerde van een noodzakelijke verplichting tot een dynamische dienst met een doordachte en mensvriendelijke aanpak. Vijf fulltime en één parttime medewerkers, hun freelance collega en een 25-tal verpleegkundigen met speciale opleiding in de spoedhulp staan er in voor de zorgverlening. Ontvangst op de dienst gebeurt door een gespecialiseerde triageverpleegkundige. Het triagesysteem werkt met kleurcodes en moet ervoor zorgen dat patiënten die het dringendst medische hulp nodig hebben altijd voorrang krijgen. Voor kinderen is er een apart systeem met aangepaste normen.

Veiligheid en welzijn

Aan inzet en initiatief ontbreekt het niet binnen deze spoedafdeling. De dienstverlening aan patiënten komt daarbij in de eerste plaats en hun veiligheid en welzijn is een topprioriteit. Labotesten aanvragen gebeurt bijvoorbeeld volgens een nieuwe procedure: elke patiënt krijgt bij opname een polsbandje met scancode. Neemt een verpleegkundige bloed af, dan scant deze het polsbandje zodat het etiket op de bloedtube correct aan de juiste patiënt gelinkt is. De aanvragen voor de bloedtests op die bepaalde tube gebeuren vervolgens via een gedigitaliseerd systeem zodat het labo een correcte analyse kan verzekeren.

Ook op andere manieren zijn controlesystemen in de dagelijkse routine verwerkt. Spoedpersoneel zal bijvoorbeeld altijd even de naam van de patiënt navragen vooraleer identiteitsdocumenten te overhandigen en voor een operatie zal het team alles nog even nagaan aan de hand van een checklist. In de twee boxen met reanimatiesetting hangt een wit bord waarop een verpleegkundige met viltstift de toe te dienen medicijnen en behandelingen kan noteren. Dit bord hangt binnen het blikveld van de patiënt, zodat die kan reageren in geval van allergieën of andere obstakels. Verder springt niemand licht om met de hygiënevoorschriften; elke dag kijkt iemand van buiten de dienst alle medewerkers na op verzorgde handen.

Mensvriendelijk en bekommerd

Het spoedteam is niet alleen bekommerd om wie op de dienst belandt, maar ook om de andere patiënten in het ziekenhuis. Zo geven ze regelmatig training in reanimatietechnieken aan de collega-zaalmedewerkers van andere diensten. En binnen het nieuwe 'Track and trigger'-project leren ze collega's om aan de hand van een controlesysteem met kleurcodes de toestand van de patiënt in de gaten te houden, zodat deze in vele gevallen zelf al kunnen ingrijpen vooraleer de patiënt in 'code rood' belandt. Dit moet de interventies van het spoedteam met de reanimatiekar tot een minimum herleiden.

Een spoeddienst functioneert pas echt goed in hechte samenwerking - onderling, maar ook met de andere diensten in een ziekenhuis. Spoedmedewerkers winnen advies van andere diensten in en creëren zo een vruchtbare wisselwerking. Ze haalden bijvoorbeeld inspiratie uit de anesthesie om voor de hechting van kinderen Kalinox (lachgas) verdoving te gebruiken. Volledig veilig en het levert schitterende resultaten op, met lachende gezichtjes tijdens de hechting. Een mensvriendelijke houding spreekt trouwens vanzelf op de dienst. Dat gaat van details, zoals de kinderbox voorzien van een dvd-systeem en aangepaste kindvriendelijke echografieën, tot ondersteuning bij het rouwproces. Nabestaanden mogen het team na een onsuccesvolle reanimatie altijd om meer uitleg vragen en putten daar meestal veel steun uit. Het stelt hen gerust dat al het mogelijke ondernomen werd en dat de overledene niet geleden heeft. Ook de MUG-verpleegkundige en -arts laten de partner bij een overlijden thuis niet alleen achter met het lichaam, maar zien erop toe dat de begrafenisondernemer gecontacteerd is en bellen aan bij buren of telefoneren naar familieleden die voor de nodige steun kunnen zorgen. Zo dragen de spoedmedewerkers de goede zorgen ook buiten de muren van het ziekenhuis uit.

Laatst gewijzigd Monday, May 18, 2015 om 1:59 PM